Icob, 1977, hardcover met stofomslag, die een paar scheurtjes heeft.
Aan de hand van een unieke beelddocumentatie vertelt de auteur de geschiedenis van duizenden jaren natuuronderzoek op een wijze die even boeiend als verantwoord is. Waarnemend, nadenkend, experimenterend en indelend vergaarde de mens een schat aan kennis; die hem in staat stelde steeds meer te weten te komen over zichzelf en de wereld om hem heen.
Het boek is opgebouwd als de natuur zelf: het begint met de scheikundige stoffen, waaruit alle bezielde en onbezielde dingen bestaan en schetst hoe de kennis daarvan is uitgegroeid van alchemie toe moleculaire chemie. Vervolgens wordt het enorme gebied der fysica betreden: van de vondsten der antieken met betrekking tot hefboom en licht tot de ontdekkingen uit de eeuw van atoom en ruimteraketten. Van de krachten der onbezielde natuur worden we geleid naar de raadselen en wonderen, die samenhangen met het leven van mens, dier en plant.
Zo worden op grandioze wijze de eerste bladzijden van het boek, waarin de uiteenzetting van fundamentele denkbeelden over het ontstaan van de aarde, verbonden met de laatste bladzijden, waarin de herinnering wordt opgeroepen aan de belangrijke figuren en wereldconcepties uit de geschiedenis der natuurfilosofie. Boek heeft heel veel afbeeldingen in zwart-wit en kleur.